Tagarchief: gymnasium

Oefenen voor de middelbare school

Op de meeste basisscholen werd begin februari de Cito-toets afgenomen. Na een kleine maand vol spanning volgde begin maart de uitslag en inmiddels weten de meeste kinderen naar welke middelbare school ze in september gaan. Een nieuwe school, een nieuw leven met nieuwe vrienden en ervaringen. Maar ja, dat duurt nog wél zes maanden. Zes maanden een beetje niksen op de basisschool is natuurlijk niet de ideale voorbereiding op de middelbare school. Met een beetje pech ben je alle opgedane kennis weer vergeten op het moment dat je het nodig hebt.

Op de middelbare school ligt het tempo veel hoger dan op de basisschool en bovendien krijg je elke dag veel huiswerk mee. Het is natuurlijk even wennen om deze brei aan informatie goed te kunnen verwerken. Ook is er best veel tijd nodig om alles te kunnen leren, maar je wilt ook tijd overhouden voor leuke dingen en sport.  Er zijn twee sleutelbegrippen die kunnen bijdragen aan een succesvol begin op de middelbare school: planning en leren om te leren.

Planning heeft te maken met het duidelijk opschrijven in je agenda wat je allemaal moet leren en het bepalen van de tijden waarop je dat huiswerk doet. Het belangrijkst is het vinden van regelmaat: als je thuiskomt van school kun je bijvoorbeeld eerst een uur leuke dingen doen, een kop thee drinken en/of een beetje computeren. Daarna ga je dan op een vast tijdstip aan je huiswerk, elke dag bijvoorbeeld van half vijf tot zes uur. De regelmaat zorgt voor rust, concentratie en discipline.

Leren om te leren is een belangrijke vaardigheid die er in resulteert dat je je tijd effectief benut. Je leert om de hoeveelheid informatie die je krijgt te beperken tot alleen hoofdzaken en logische verbanden. Wanneer je voor een proefwerk 15 of 20 bladzijden moet kennen, is het ondoenlijk en ook niet nodig de hele tekst uit je hoofd te leren.  Als je leert hoe je een goed uittreksel kunt maken, bespaar je jezelf veel tijd en moeite en zorgt het uiteindelijk voor betere resultaten. Op de middelbare school behoort het goed kunnen maken van een uittreksel tot de noodzakelijke basisvaardigheden.

Met nog ongeveer vijf maanden tot het begin van het eerste schooljaar op de middelbare school is het wellicht handig om je te verdiepen in deze twee belangrijke vaardigheden. Het aanleren ervan zou tot het leerpakket van groep 8 moeten behoren, maar helaas is dat meestal niet het geval. Het volgen van een paar bijlessen is ook een mogelijkheid. In gemiddeld vijf lesuren kan het ‘leren om te leren’ en het maken van een goede planning worden duidelijk gemaakt en aangeleerd.

Advertenties

Een vijfde gymnasium in Amsterdam

Het Cygnus gymnasium verhuist naar de Wibautstraat en gaat plaats bieden aan 800 gymnasiasten.

Het pand is in 1952 – 1956 ontworpen door J.B. Ingwersen en sterk geïnspireerd op diens Unité d’Habitation in Marseille. Het schoolgebouw is in 2007 opgenomen in de lijst van 100 Wederopbouw monumenten.

Het ‘schip’ in de Wibautstraat zal worden gerenoveerd door Wessel de Jonge architecten. Het bureau is door de Amarantis Onderwijsgroep – het Cygnus is hier onderdeel van – gevraagd om dit markante schoolgebouw integraal aan te passen aan de actuele ontwikkelingen op onderwijsgebied. Dit heeft geleid tot een herschikking van functies, waarbij het onderwijs is geconcentreerd op de bovenverdiepingen en de begane grond meer (semi-) publieke functies heeft gekregen, in aansluiting op de herontwikkeling van de Parooldriehoek als geheel tot woon- en werkgebied.

Het moderne rijksmonument zal plaats gaan bieden aan 800 gymnasiasten, dat zijn er 300 meer dan er nu op het Cygnus zitten. Misschien komt er met de komst van het 5e gymnasium nu ook einde aan het probleem van de overvolle gymnasia.

De gymnasia raken overvol

De Cito-toets was niet al te lastig dit jaar. Het resultaat daarvan komt ongetwijfeld tot uiting in de scores die over drie weken bekend worden gemaakt. Wanneer relatief veel kinderen dit jaar op bijvoorbeeld een score van 545 of hoger uitkomen, zal dit leiden tot een run op de toch al populaire vwo-opleidingen. En omdat het aantal beschikbare plaatsen beperkt is, zullen dit jaar meer kandidaten dan ooit worden uitgeloot (vorig jaar ging het om 10% van de kinderen).

Wanneer ook het schooladvies naar boven wordt bijgesteld – met een veel beter gemaakte toets is die kans aannemelijk – zijn leerlingen met een cito-score van 545 of hoger automatisch toelaatbaar voor het vwo. En de meesten, uitzonderingen daargelaten, willen dan naar een gymnasium. Zeker de – toch al heel populaire – categorale gymnasia krijgen dan te maken met een explosieve groei van het aantal aanmeldingen.

Maar, niet elke leerling die voor de Cito-toets een score van 545 punten of meer haalt, is per definitie geschikt voor een gymnasiale opleiding. Het kan net zo goed een typisch ‘atheneum-kind’ zijn. Hoewel de capaciteiten van een leerling goed kunnen worden ingeschat met behulp van het Leerling Volg Systeem (mede op basis daarvan wordt het schooladvies gegeven), kan een basisschool boven de 545 punten niet kiezen tussen een vwo- of een gymnasium advies.

Het invoeren van een nieuwe Cito-bandbreedte kan de toenemende druk op – met name – de categorale gymnasia verminderen. Stel, de bestaande vwo-bandbreedte van 545 en hoger wordt opgesplitst in twee nieuwe bandbreedtes: 545 tot 547 punten voor vwo en 548 en hoger voor gymnasium. Met deze nieuwe indeling krijgt een basisschool de mogelijkheid om tot een passender en verfijnder schooladvies te komen, atheneum dan wel gymnasium. Introductie van de extra bandbreedte kan tevens een oplossing zijn voor de enorme toestroom die de gymnasia elk jaar te verwerken krijgen. Ook de jaarlijks terugkerende problemen van stress en teleurstelling bij uitloting zullen dan minder worden.

Latijn en Grieks

Onrust in de klassieke gelederen in Nederland. De gymnasiale wereld verzet zich tegen het voorstel van de Verkenningscommissie Klassieke Talen om de proefvertaling te laten vallen op de eindexamens van de vakken Latijn en Grieks. Het probleem is dat een immer toenemend aantal gymnasiasten steeds minder enthousiast is over deze talen. En daar heeft men dus een oplossing voor bedacht: op het eindexamen komt het vertalen van een tekst, die de leerling nog niet eerder heeft gezien, te vervallen. Het accent moet nu meer komen te liggen op klassieke taal en cultuur in het algemeen.

De onrust is voornamelijk ontstaan bij de gymnasia zelf. Het schrappen van de proefvertaling wordt gezien als een mutilatie van de gymnasiale opleiding, terwijl het juist kan zorgen voor een hernieuwde interesse in de oude talen. Het tanende enthousiasme van de laatste jaren kan dan worden omgebogen in een hernieuwde liefde voor de Oudheid. Er blijft meer tijd over die gespendeerd kan worden aan de nog steeds actuele ideeën van Homerus, Plato, Aristoteles of Cicero, er kan meer aandacht worden besteed aan de inhoud van hun prachtige -vertaalde- verhalen en er kan zelfs tijd worden ingeruimd om leerlingen de kunst van de retorica bij te brengen; in de Oudheid stond dit vak centraal in het onderwijs. Het nut, de waarde voor later en het genot daarvan zijn vele malen groter dan het vertalen van een onbekend stuk tekst.  Bovendien is het percentage leerlingen dat wél warm loopt voor een proefvertaling waarschijnlijk te verwaarlozen.

Daarbij komt dat de pluspunten van het volgen van Grieks en/of Latijn toch wel intact blijven; het taalgevoel wordt beter, de taalstructuur duidelijker, het logisch en analytisch nadenken wordt gestimuleerd. Deze vaardigheden zijn al onderdeel van de rugzak van een gymnasiast, maar misschien is het tijd om op te houden met navelstaren en nu die nieuwe klassieke weg in te slaan.

En als er dan toch over vernieuwingen wordt gesproken, laat er dan ook een Verkenningscommissie Rekenen en Taal opstaan, die het niveau van de reken- en taallessen op de basisschool aan een onderzoek onderwerpt. Want zonder een degelijke basis hierin is ook het leren van Latijn en Grieks, zelfs zonder proefvertaling, een problematische opgave.