Categorie archief: entreetoets

Spring’s Cool: Entreetoets training voor leerlingen van groep 7

In de maanden april, mei en juni wordt op veel scholen de Cito Entreetoets afgenomen. Met de entreetoets kan de leerkracht nagaan hoe de leerlingen ervoor staan op het gebied van taal, rekenen en studievaardigheden.

Na correctie door het Cito krijgt u van uw kind een leerlingprofiel. In het leerlingprofiel ziet u hoe de basisvaardigheden van uw kind op de diverse leerstofonderdelen zijn.Op basis van de totaalscore op de Entreetoets groep 7 geeft het Cito een voorspelling van de standaardscore op de Eindtoets.

Veel scholen gebruiken de uitslag van de entreetoets en de prognose voor de score op de Eindtoets als uitgangspunt voor een oudergesprek en/of geven aan de hand van de uitslag een voorlopig schooladvies. Voor u als ouder het is echter vooral belangrijk dat de school de tijd die nog rest tussen de Entreetoets en de Cito-eindtoets, planmatig gebruikt om te werken aan die onderdelen waar het kind onvoldoende op scoort.

Maar waarom zou je daarop wachten als dit ook eerder kan?

In vervolg op de succesvolle Summer’s Cool en Winter’s Cool weken voor leerlingen van groep 8, organiseert Beter Bijles bijspijkerweken voorafgaand aan de Entreetoets voor leerlingen van groep 7: Spring’s Cool. Op vier opeenvolgende zaterdagen in maart of april krijgen de kinderen les in de basisvaardigheden die zij nodig hebben om een goede Entreetoets te maken. Het gaat hierbij om de vakken taal (schrijven, spelling, werkwoorden, begrijpend lezen), rekenen (getallen en bewerkingen, meten/tijd/geld en verhoudingen/breuken/procenten) en studievaardigheden (studieteksten, opzoekvaardigheden, kaartbegrip en tabellen/grafieken). Wij werken daarbij overwegend met zelfgeschreven lesmateriaal. Uiteraard sluit dit materiaal qua samenstelling naadloos aan op de manier van vragenstellen van het Cito.

Spring'S Cool

Speciale aandacht geven we dus aan de wijze waarop het Cito de vragen stelt; een kind kan misschien goed een rijtje met optellingen of vermenigvuldigingen maken, maar als de som verstopt is in een verhaaltje, is het een stuk lastiger de juiste bewerking eruit te halen! Ook krijgen de leerlingen tijdens onze training duidelijke strategieën aangereikt om teksten voor begrijpend lezen aan te pakken. Tijdens de Winter’s en Summer’s Coolweken bleek onze methodiek voor de aanpak van teksten zeer succesvol te zijn. Bij studievaardigheden bleek o.a. de uitleg van de diverse soorten schema’s om een tekst samen te vatten een ware eye-opener. En van onze vele tips en tricks voor het maken van een Cito-toets kunnen zelfs leerkrachten nog iets leren!

De lessen worden gegeven door twee ervaren leerkrachten. Per zes leerlingen is een professional aanwezig, zodat er voor elk kind volop tijd is voor individuele begeleiding. De training is niet bedoeld voor kinderen die op school een individueel handelingsplan volgen. Toelating geschiedt daarom op basis van de door u aan ons verstrekte rapportgegevens.

U kunt kiezen uit twee arrangementen:

Spring’S Cool: 2, 9, 16 en 23 maart, van 10.00-16.00 uur, locatie Amsterdam.

Spring’S Cool: 6, 13, 20 en 27 april 2013, van 10.00 – 16.00 uur, locatie Amsterdam.

Prijs per arrangement: € 545,- inclusief lunch.

Voor meer informatie kunt u mailen naar info@beter-bijles.nl of u kunt onderstaand formulier invullen. Wij zullen u dan spoedig een e-mail sturen met meer specifieke informatie over Spring’S Cool.

Kijk ook op onze facebookpagina: http://www.facebook.com/beterbijles

Wildgroei in bijlesland?

Elke ouder wil het beste uit zijn kind halen. Elke school streeft naar zo hoog mogelijke toetsresultaten voor haar leerlingen. Het belang van de ouder en de school lijkt hierin gelijk. Lijkt, want er is ook een verschil.

Natuurlijk streeft de school naar een zo hoog mogelijk resultaat voor haar individuele leerlingen, maar de school wordt door de inspectie juist beoordeeld op haar gemiddelde Cito-score. Drie keer achtereen een te lage score levert het predikaat ‘zwakke school’ op met een daaraan gekoppeld verscherpt toezicht en opgelegd verbeterplan. Scholen is er dus alles aan gelegen om de Cito-score op peil te houden. Opbrengstgericht werken lijkt hier het toverwoord. Een school die opbrengstgericht werkt, zet zich planmatig in voor het verbeteren van de vorderingen van leerlingen.

Ouders kijken uiteraard vooral naar de score van hun eigen kind. Hoe hoger de score, hoe hoger de haalbare vorm van vervolgonderwijs of de kans dat je wordt toegelaten tot de school van je keus. We  mogen ervan uitgaan dat de school het beste uit een kind weet te halen door opbrengstgericht te werken, maar iedereen zal begrijpen dat een leerkracht met 25 leerlingen in zijn klas niet voldoende tijd heeft om alle leerlingen individueel te begeleiden. En het zal maar net uw kind zijn dat nog problemen heeft met begrijpend lezen, procentsommen, werkwoordspelling of het interpreteren van tabellen …. Dit beïnvloedt wel degelijk de Cito-score van uw kind en daarmee zijn kansen in het vervolgonderwijs. De aandacht in de klas richt zich voornamelijk op de kinderen die achterblijven; van de leerling die gemiddeld presteert of weinig problemen ondervindt, wordt verwacht dat hij of zij  ‘zich wel redt’. Terwijl juist vaak deze laatste groep die extra uitleg en aandacht nodig heeft om fundamenteel betere resultaten en vooruitgang te kunnen boeken.

In de klas is er dus veelal geen of te weinig tijd voor iedere leerling. Vaak is een aantal individuele bijlessen, gericht op de kennishiaten van het kind of op het aanleren van strategieën om bv. teksten aan te pakken, voldoende om deze problemen op te lossen. Dat wat in een grote groep niet opgepakt wordt, lukt in een één-op-één-situatie vaak wel. Maar welk bijlesbureau moet je nou kiezen? Wie kan uw kind het best helpen?

Bijlesbureautjes schieten als paddenstoelen uit de grond. Het lijkt wel of iedereen bijles kan geven! Op het moment dat de bijlesdocent de leerkracht van uw kind gaat bellen om te vragen waar de problemen zitten, weet u dat u fout zit. Dit moet hij/zij immers zelf snel kunnen achterhalen!

Beter-Bijles is een gerenommeerd bijlesinstituut met tevreden klanten. Wij houden voordat we de opdracht aannemen altijd een intakegesprek met de ouder en het kind. Doel van dit gesprek is te bespreken wat de verwachtingen zijn en te onderzoeken waar de problemen zitten. We analyseren de toetsgegevens van de Entree- of LOVS-toetsen en daarnaast bepalen we aan de hand van een door ons zelf gemaakte instaptoets welke leerstof aan bod moet komen. Individueel of in kleine groepjes wordt de stof uitgelegd en oefenen we tot de leerling het begrijpt of de juiste strategie kan toepassen om tot een goed resultaat te komen. Daarbij maken we ook gebruik van Cito-toetsen en aan de Cito-toets gerelateerde opgaven, om de leerling te laten wennen aan die specifieke vraagstelling. Na elke bijles communiceren we direct naar de ouder hoe het gaat.

Kies dus niet zomaar een bijlesbureau, maar overtuig u ervan dat u te maken heeft met kundige en ervaren leerkrachten. Goede bijlessen worden gegeven door professionals met verstand van zaken die door een duidelijke uitleg en met gebruik van goed materiaal de basiskennis van uw kind op het gewenste niveau brengen.

Vindt u bijlessen voor uw kind iets te veel van het goede, maar wilt u toch zeker weten dat uw kind goed beslagen ten ijs komt bij de Entree – of Cito-toets, dan kunt u overwegen uw kind zelf te begeleiden. Ook daarvoor kunt u bij ons terecht, nl. door het aanschaffen van onze Beter Bijles oefenboeken ….. In deze boeken vindt u een duidelijke uitleg van de lesstof die in de Cito-toetsen wordt bevraagd en een schat aan oefenmateriaal om te zien of uw kind de theorie ook daadwerkelijk kan toepassen. De boeken zijn geschreven in een voor een 10- tot 12-jarige begrijpelijke taal.

De Oefenboeken van Beter Bijles zijn bestemd voor particulier gebruik. Ze worden veelvuldig besteld en de reacties van de gebruikers zijn altijd lovend. Echter, ook commerciële bijlesbedrijven gebruiken onze boeken voor de uitleg van theorie en het oefenen van de leerstof. In een Cito-lookalike-vraag zou dat er zo uitzien:

Bijlesbedrijven, remedial teachers en andere professionals gebruiken de Beter Bijles boeken om hun leerlingen de lesstof uit te leggen en voldoende oefenmateriaal te hebben. Waarom?

a. Omdat de BB-boeken nou eenmaal supergoed zijn.
b. Omdat ze gemakkelijk geld willen verdienen.
c. Omdat ze niet in staat zijn zelf oefenstof te bedenken.
d. Omdat ze zelf de lesstof niet kunnen uitleggen.

Wij denken dat alle antwoorden op veel bijlesbedrijven van toepassing zijn. Maar uiteraard is antwoord A het best!

Beter Bijles breidt uit!

Beter Bijles, nu van A(msterdam) tot Z(evenaar)!

Na de zeer succesvolle samenwerking tussen Peter Meijer en Jacquelien Bredenoord tijdens de Summer’s Cool weken, heeft Beter-Bijles besloten haar diensten uit te breiden. Vanaf 1 september kunnen kinderen in de regio Arnhem/Nijmegen ook lessen volgen bij Beter-Bijles.

Jacquelien Bredenoord is leerkracht in het basisonderwijs. Ze heeft jaren achtereen in groep 8 lesgegeven. Verder werkt ze al vele jaren voor het Cito in Arnhem, waar ze opgaven construeert voor diverse toetsen. Zij weet daarom precies welke vaardigheden kinderen moeten beheersen om een goede Cito-toets te maken.

Net als in Amsterdam kunnen leerlingen van de basisschool ook op onze Beter- Bijles locatie in Zevenaar terecht voor bijlessen van een kwalitatief hoogstaand niveau. Bijlessen worden gegeven in de vakken rekenen, taal, spelling, begrijpend lezen en studievaardigheden. De lessen zullen gericht zijn op het wegwerken van kennishiaten en het aanleren van strategieën om teksten aan te pakken en te verklaren. Tijdens de lessen zal veel aandacht geschonken worden aan de vraagwijze die het Cito hanteert, zodat de leerling beter voorbereid de Entreetoets of de Cito eindtoets kan maken.

Op onze locatie in Amsterdam wordt zes dagen per week bijles gegeven (maandag tot en met zaterdag); in Zevenaar kunnen leerlingen terecht op maandag, dinsdag, woensdag en zaterdag. De bijles wordt één op één of in een klein groepje van maximaal drie kinderen gegeven; dit laatste gebeurt uiteraard in overleg.

Scholieren van het voortgezet onderwijs kunnen bij ons terecht voor gerichte bijlessen in diverse vakken en voor intensieve huiswerkbegeleiding. Studenten van MBO of HBO kunnen we begeleiden bij het maken van goed opgebouwde verslagen.

Jacquelien Bredenoord tijdens Summer’S Cool van Beter Bijles.

De kosten bedragen € 30,- per uur voor bijles in een klein groepje. Het lesgeld voor individuele bijlessen bedraagt € 35,- voor 45 minuten (bijles aan leerlingen van het VO, MBO en HBO is altijd individueel). Wij rekenen geen inschrijfkosten of andere extra kosten.

Voor meer informatie of het maken van een afspraak voor bijles in Zevenaar kunt u contact opnemen met Jacquelien: 0316-333881 of 06-25253733. Uiteraard kunt u ons ook een e-mail sturen: info@beter-bijles.nl

Graag tot ziens in Amsterdam of Zevenaar!

Uitslag Entreetoets en de te verwachten Cito-score

De uitslagen van de Entreetoets van groep 7 zijn inmiddels deels bekend. Veel ouders hebben vragen over de betekenis van de Entreetoetsscores. Ook is er onduidelijkheid over het schooladvies en de te verwachten Cito-score, die kan worden afgeleid uit het resultaat op de Entreetoets.

Nadat de Entreetoetsscores binnen zijn, volgt er een prognose voor de te verwachten score op de Cito eindtoets. Deze prognose van Cito komt meestal pas drie maanden na de uitslag van de Entreetoets, omdat volgens Cito pas dan alle toetsgegevens zijn verwerkt en geanalyseerd. De prognose geeft de te verwachten score voor de leerling aan en is gebaseerd op de resultaten van de Entreetoets. Een uitleg over de percentielscore kunt u hier vinden.

Het prognosegetal ligt tussen de 500 en de 550, net als bij de Cito eindtoets. De marges zijn 7 punten naar boven en 7 punten naar beneden. Is de prognose bijvoorbeeld 535, dan moet er ook rekening mee worden gehouden dat de uiteindelijke score ook 528 kan worden, of juist 542. Dit is het verschil tussen vmbo-basis/kader en havo/vwo, dus een hele ruime en daardoor geen overduidelijke prognose.

Het voorlopige schooladvies wordt gebaseerd op de uitslag van de Entreetoets, de prognose van het Cito èn de resultaten van het leerlingvolgsysteem. Wanneer de Entreetoets relatief slecht is gemaakt, kunnen positieve schoolresultaten uit het verleden er dus wel voor zorgen dat het schooladvies beter is dan uit de Entreetoetsscore zou blijken.

Scholen gebruiken de tijd na de Entreetoets om hiaten op te lossen die in de leerstof zitten. Dit gebeurt meestal aan de hand van de groepsoverzichten. Scoort de hele klas laag bij bijvoorbeeld werkwoordspelling, dan zal daar extra aandacht voor zijn. Een tegenvallende score op de Entreetoets zal op school niet in alle gevallen leiden tot een betere en intensievere begeleiding; wanneer slechts een deel van de klas op een onderdeel onvoldoende heeft gepresteerd – veel voorkomende probleempunten zijn bijvoorbeeld begrijpend lezen, informatiebronnen en kaartlezen – zal er vaak geen tijd zijn voor extra aandacht. Een achterstand wordt dan op school moeilijk ingehaald.

Entreetoets uitslag 2011

De uitslag van de Entreetoets 2011 druppelt inmiddels bij veel basisscholen binnen. In veel gevallen wordt aan deze uitslag een schooladvies (en een verwachte Cito-score) gekoppeld. Hoe dit schooladvies er uit ziet,  is echter niet alleen afhankelijk van de behaalde score op de toets.

In voorgaande jaren kon aan de hand van het leerlingprofiel  in één oogopslag worden gezien met welk schooladvies rekening kon worden gehouden. Tot 2010 correspondeerden de romeinse cijfers op het uitslagformulier met een type middelbare school; tegenwoordig wordt bij de omschrijving een andere betekenis aan deze cijfers toegekend (I = ver boven het gemiddelde, II = boven het gemiddelde, III = gemiddelde, IV = onder het gemiddelde en V = ver onder het gemiddelde). De reden hiervoor is, dat het te geven schooladvies mede afhankelijk is van de gegevens van het leerlingvolgsysteem en de houding en motivatie van de leerling.

Ook dit jaar krijgen wij veel reacties en vragen van ouders die onaangenaam verrast zijn door het behaalde resultaat op de Entreetoets. Vaak ligt de oorzaak hiervan in het feit dat de resultaten van hun kind op school altijd goed zijn geweest (in 10-minuten gesprekken vaak bevestigd door de leerkracht), maar dat de uitslag van de toets niet met deze resultaten in overeenstemming is. Een aantal redenen hiervoor heb ik al in een eerdere post beschreven, maar een van de belangrijkste oorzaken blijft toch dat er een grote discrepantie is tussen  de manier van vragen stellen op school en in de Entree- of Cito-toets.

Niet alleen de manier van vragen stellen in proefwerken maar zeker ook de uitleg in de klas voldoet niet altijd aan de eisen die (door het Cito) aan een leerling worden gesteld om een toets met goed gevolg te kunnen afleggen. Daarnaast kan het ook zo zijn dat een leerling, op het moment dat de Cito-toets moet worden gemaakt, door onvoldoende voorbereiding nog nerveuzer wordt dan hij al is.

Natuurlijk wilt u graag dat uw kind straks op de Cito-toets een score haalt die in overeenstemming is met zijn of haar capaciteiten. Niet dat de leerkracht straks zegt dat uw kind het op school altijd beter heeft gedaan dan uit de uitslag van de Cito-toets valt op te maken. Zeker omdat veel middelbare scholen de toelating van een kind laten afhangen van de Cito-score is een meer dan goede voorbereiding op de Cito-toets van belang. Met een duidelijke en uitgebreide uitleg van de basisstof wordt voorkomen dat een leerling onder zijn niveau presteert.

Beter-Bijles biedt u en uw kind hiertoe de mogelijkheid: het Oefenboek voor de Cito-toets. Een letterlijk unieke syllabus vanwege de complete uitleg van alles wat een leerling voor de Cito-toets moet weten (ander materiaal omvat alleen oefeningen). De benodigde theoretische kennis wordt eerst uitvoerig besproken en verduidelijkt en een en ander wordt doorspekt met oefeningen. Aan het eind van elk onderdeel staan oefentoetsen, waarvan de vragen lijken op de vragen zoals deze worden gesteld op de Cito-toets. Als u geïnteresseerd bent, kunt u dit (vernieuwde) oefenboek hier bestellen.

Bijvoeglijk gebruik van een voltooid deelwoord

In de bijlessen die worden gegeven bij Beter-Bijles blijkt vaak dat kinderen het moeilijk vinden om bijvoeglijk gebruikte voltooide deelwoorden correct te schrijven. Omdat in zowel de Entree- als de Cito-toets een leerling de juiste spelling moet kunnen herkennen, volgt hieronder een korte uitleg.

De tafel is geverfd; de foto is vergroot; de pannenkoek is gebakken. Het voltooid deelwoord kun je ook bijvoeglijk gebruiken (een bijvoeglijk naamwoord zegt iets over een zelfstandig naamwoord); het komt dan voor het zelfstandig naamwoord te staan: de geverfde tafel, de vergrote foto en de gebakken pannenkoek.

Over het algemeen eindigen bijvoeglijke naamwoorden op een -e. Dat geldt ook voor bijvoeglijk gebruikte voltooide deelwoorden van zwakke werkwoorden. Veel voltooide deelwoorden van sterke werkwoorden eindigen op -en. Wanneer een voltooid deelwoord van een sterk werkwoord bijvoeglijk wordt gebruikt, blijft de -en staan (de gebakken pannenkoek, het gestolen sieraad, de gebarsten vaas).

Een tweede regel is dat een bijvoeglijk gebruikt voltooid deelwoord altijd zo kort mogelijk moet worden geschreven. De vergrote foto in plaats van de vergrootte foto; de verbrande kolen in plaats van de verbrandde kolen. Overigens geldt het ‘zo kort mogelijk schrijven’ ook voor de verleden tijd meervoud van sterke werkwoorden: wij betraden het huis (i.p.v. betraadden) of zij boden op het schilderij (i.p.v. zij boodden).

Entreetoets – waar moet je op letten?

De Entreetoets van groep 7 wordt, afhankelijk van de planning van de desbetreffende basisschool, vanaf deze week afgenomen. De Entreetoets is de belangrijkste toets van de basisschool: het schooladvies wordt voornamelijk op basis van de resultaten op deze toets vastgesteld. Een goede voorbereiding is daarom van groot belang.

Een jaar geleden is de inhoud van de Entreetoets veranderd. In de nieuwe versie, die ook dit jaar weer zal worden gebruikt, is het accent in het onderdeel Taal meer komen te liggen op tekstbegrip. In een nieuw onderdeel, ‘Schrijven’ genaamd, worden aan de hand van teksten vragen gesteld over onder meer zinsbouw en woordvolgorde, relatieve zinnen en verwijswoorden, het gebruik van voorzetsels, interpunctie en uitdrukkingen.

In het onderdeel ‘Begrijpend lezen’ moet de leerling de kern van grotere stukken tekst kunnen begrijpen; vragen als ‘wat maakt dit fragment vooral duidelijk?’ en ‘waarom heeft de schrijver deze tekst vooral geschreven?’ vereisen overzicht en tekstbegrip.

In het onderdeel woordenschat wordt, naast woordbetekenis, ook  gevraagd naar het tegengestelde van bepaalde woorden, naar groepen woorden met ongeveer dezelfde betekenis (mager – dun – iel), waar het bij de betekenis van bepaalde woorden vooral om gaat (bij commando gaat het vooral om ‘moeten’ in plaats van ‘willen’) en welke woorden in de goede volgorde staan (praten – roepen – schreeuwen).

Overige – vaste – onderdelen van het hoofdstuk Taal zijn gatenteksten, spelling en werkwoordspelling (beide 30 vragen).

Een aanzienlijk deel van de opgaven in het onderdeel rekenen gaat over breuken en procenten (hoe schrijf je 0,45 als breuk, hoeveel procent is drie van de vijf kinderen, welk deel is € 80 van € 200 of bijvoorbeeld hoeveel is 3/4 deel van 164). Het kunnen rekenen met gewichten, afstanden of liters is ook een vereiste (zorg dat je het rijtje kent: km-hm-dam-m-dm-cm-mm, waarbij je de m van meter natuurlijk kunt vervangen door een g van gram of een l van liter). Voor een groot deel van de sommen is het heel handig als je kunt werken met verhoudingstabellen; ongeveer een vierde deel van de opgaven kun je hiermee oplossen. Totaal zijn er 120 rekenopgaven.

Het onderdeel studievaardigheden gaat over kaartlezen, schema’s, tabellen en grafieken, naslagwerken en studieteksten. Al deze de onderdelen bestaan uit 20 vragen. Vergeet bij tabellen  en grafieken niet naar de bijbehorende legenda’s te kijken: hier staat vaak dat je het afgelezen aantal met bijvoorbeeld 1000 of 10.000 moet vermenigvuldigen.

Het onderdeel ‘studieteksten’ test voornamelijk de vaardigheid in begrijpend lezen: bij 10 van de 20 vragen moet de leerling een stuk tekst kunnen samenvatten in een schema.

De nieuwe Entreetoets is volgens velen iets moeilijker dan de vorige versie. Een goede uitleg van de theorie en veel oefenen geeft resultaat en zorgt ervoor dat er geen verrassingen of teleurstellingen zijn.

Entreetoets 2011

Op de meeste basisscholen wordt de Entreetoets van groep 7 afgenomen in april of mei. Met deze toets worden de basisvaardigheden van leerlingen op de onderdelen Taal, Rekenen-Wiskunde en Studievaardigheden gemeten. De toets wordt door Cito nagekeken en voor elke leerling ontvangt de school een Leerlingprofiel op papier. Dit profiel zal uiteindelijk de belangrijkste basis vormen voor het schooladvies dat uw kind in groep 8 zal krijgen.

Meer (algemene) informatie kunt u vinden in de Ouderfolder Entreetoets (downloaden via deze pagina). In deze folder worden ook zaken als Leerlingprofiel en de berekening van de score in percentielen uitgelegd. De verschillende toetsonderdelen en het aantal te stellen vragen per onderdeel kunt u aflezen in onderstaand schema.

De cursieve onderdelen zijn optioneel en tellen niet mee bij de berekening van de totaalscore Taal en de totaalscore Entreetoets.

Tegenvallende scores Entreetoets

Op de meeste basisscholen is de uitslag van de entreetoets 2010 inmiddels bekend. Sommige kinderen hebben deze toets niet goed gemaakt en in veel gevallen was dit tegen de verwachting in. Omdat er in de klas voor proefwerken en schriftelijke overhoringen vaak wél goede cijfers werden behaald, zijn veel ouders onaangenaam verrast door de afwijkende score voor de entreetoets.

De oorzaak voor tegenvallende prestaties ligt voor een deel bij de basisschool zelf: terwijl er in groep 8 op veel scholen wordt geoefend om de resultaten van de Cito-toets positief te beïnvloeden, wordt er in groep 7 bijna geen aandacht en tijd besteed aan de voorbereiding op de entreetoets. Zo worden veel kinderen voor het eerst geconfronteerd met bijvoorbeeld het onderdeel studievaardigheden: het kunnen lezen en interpreteren van tabellen, grafieken en diagrammen is dan nog niet eerder geoefend en is dus nog onbekende materie. Ook aan het trainen op begrijpend lezen wordt in de klas vaak onvoldoende aandacht besteed, terwijl een vaardigheid hierin van het grootste belang is om een toets goed te kunnen maken: bijna alle opgaven zijn in een verhaalvorm gegoten en als je de opgave al niet begrijpt, wordt het vinden van het juiste antwoord wel heel lastig.

Als reden voor de matige voorbereiding wordt vaak aangegeven dat men de scholier puur wil testen op de aanwezige kennis, die is opgedaan in zeven jaar basisonderwijs. Oefenen en een gedegen voorbereiding zou een scheef beeld van de capaciteiten, de werkhouding en de interesse van de leerling geven.

Ik ben hier een groot tegenstander van. Het is bijna onmogelijk om een eerlijk beeld van de prestaties van een kind te krijgen als de lesmethode op school niet aansluit op de inhoud en vraagstelling van een toets. Bovendien heeft een leerling van groep 7 nog geen ervaring met vijf dagen achtereen getoetst te worden in een officiële en daardoor toch onwennige en vermoeiende atmosfeer. Omdat de leerling ook nog eens wordt geconfronteerd met onderwerpen die niet eerder zijn behandeld, is de kans groot dat het kind last krijgt van zenuwen of zelfs dichtslaat. Slechte of in ieder geval mindere scores zijn dan onvermijdelijk het gevolg.

Toch hoeft een tegenvallende score voor de entreetoets geen onoverbrugbaar probleem te zijn. Een goed resultaat voor de Cito-toets van groep 8 kan de situatie verbeteren en alsnog zorgen voor een passend schooladvies. Veel oefenen en een goede uitleg van de theorie zijn natuurlijk wel een voorwaarde om een goed resultaat te behalen. Oefenen voor de Cito-toets gebeurt op de meeste basisscholen wel, hoewel het goed onderwijzen van rekenen en spelling in sommige gevallen nog wel onvoldoende is. Het ‘Oefenboek Cito-toets‘ kan in deze situaties uitkomst bieden: in deze syllabus wordt de theorie voor de onderdelen rekenen, spelling, begrijpend lezen en studievaardigheden uitvoerig en op een begrijpelijke manier uitgelegd. Een tal van oefenopgaven en -toetsen, mede gebaseerd op recente Cito-toetsen, completeren het geheel en zorgen voor een solide basis om de toets van groep 8 met meer zelfvertrouwen tegemoet te zien. Bent u geïnteresseerd in bijlessen, dan kunt u hier klikken voor meer informatie.

Entreetoets oefenen

Een goede score voor de entreetoets bereik je niet alléén met veel oefenen; minstens zo belangrijk (en helaas noodzakelijk) is een duidelijke en begrijpelijke uitleg van alle onderdelen van deze belangrijke toets in groep 7.

‘Oefenen voor de Entreetoets’ is de meest complete manier om je voor te bereiden op de entreetoets. Het lesmateriaal dat wij in onze bijlessen gebruiken, is gebundeld in een handleiding van ruim 110 pagina’s. In deze handleiding van Beter-Bijles worden alle onderdelen van de entreetoets – taal, begrijpend lezen, rekenen en studievaardigheden – intensief behandeld. Een ruime hoeveelheid oefenopgaven en een aantal oefentoetsen completeren de bundel.

Het is onterecht dat er op de basisschool weinig aandacht wordt besteed aan voorbereiding op de entreetoets. Terwijl er voor de cito-toets in groep 8 gemiddeld zo’n drie maanden wordt geoefend, wordt de entreetoets behandeld als een ondergeschoven kindje. En dat is opmerkelijk, omdat vanaf dit jaar het resultaat van deze toets belangrijker is dan het resultaat van de cito-toets in groep 8: op basis van de resultaten van de entreetoets wordt een schooladvies afgegeven.

Beter-Bijles hanteert een eigen, succesvolle lesmethode die is gebaseerd op datgene wat een leerling van groep 7 voor de entreetoets moet weten. In de methode wordt aandacht geschonken aan de benodigde basiskennis en aan de theorie achter de specifieke toetsonderdelen. Vervolgens wordt met sommen specifiek geoefend op het soort opgaven en de vraagstelling zoals die in de toets voorkomen.

In het rekengedeelte van de handleiding worden naast de belangrijke ‘rekentips and tricks’, de volgende onderdelen uitgelegd: breuken, kommagetallen, procenten, verhoudingen, afstand, oppervlakte en inhoud. In het taalgedeelte wordt ingegaan op werkwoordspelling, persoonsvorm, husselteksten, gatenteksten, begrijpend lezen en woordenschat. Tenslotte wordt in het hoofdstuk studievaardigheden alle benodigde informatie gegeven over schema’s, grafieken, tabellen en diagrammen.

Bestellen? Je kunt de syllabus bestellen via deze link: http://www.beter-bijles.nl/bestel.php?oefenboek=entreetoets. De prijs bedraagt € 72,50 (incl. verzendkosten).

Een tweetal voorbeeldpagina’s uit de oefensyllabus: de inhoudsopgave en een pagina uit het gedeelte rekenen (klikken voor groot)…..