Categorie archief: cito-toets

CITO Eindtoets – Ophef om niets?

In de politiek is onrust ontstaan over de Cito eindtoets. Wat is het geval?
Het Cito verstrekt twee versies van de eindtoets: de Eindtoets Basis en de Eindtoets Niveau. De laatste is bedoeld voor die leerlingen die vooral D- en E-scores behalen bij de LOVS-toetsen.
Op dinsdag 18 december steunde een meerderheid in de Tweede Kamer de motie van PVV-kamerlid Harm Beertema om de makkelijke toets af te schaffen. De PVV’er vindt dat de niveautoets ‘toegeeft aan een soort zieligheid in plaats van leerlingen uit te dagen.’ Bovendien werkt de afgezwakte tekst stigmatiserend, aldus Beertema, die verder stelt dat de test in de volksmond al de allochtonentoets wordt genoemd. Hij kreeg steun van regeringspartijen PvdA en VVD en van de ChristenUnie en de SGP.’
Het lijkt alsof de heren en dames politici niet op de hoogte zijn van de werking van de Cito-toetsen. Waarom is er nu ineens ophef over iets wat ook in de LOVS-toetsen al lang gebeurt? Ook in de toets spelling en begrijpend lezen maken kinderen de A of B-versie, afhankelijk van hun score in de toets die eraan vooraf ging.
Op de site van het Cito wordt duidelijk uitgelegd hoe het werkelijk zit met die eindtoets. Misschien goed dat de politici dit ook nog even nalezen voor ze tot een besluit komen.

Eindtoets Basis/Eindtoets Niveau
Vanaf 2013 verschijnt de Eindtoets Basisonderwijs in twee versies, op papier en digitaal: de Eindtoets Basis en de Eindtoets Niveau. Deze twee toetsen bevatten dezelfde taken, in dezelfde volgorde, met hetzelfde aantal opgaven. Beide kunt u dus heel goed gelijktijdig in uw groep 8 afnemen. Het grootste deel van de opgaven in de toetsen is verschillend. De opgaven in de Eindtoets Basis zijn gemiddeld wat moeilijker dan de opgaven in de Eindtoets Niveau.

Het gebruik van twee versies voor de Eindtoets is niet nieuw. Voorheen hadden scholen ook de keuze om een Niveautoets af te nemen.

Waarom twee versies?
Een toets die goed op niveau is, betekent een toets die goed aansluit bij de vaardigheden van de leerling. Het geeft de meeste kans op een betrouwbare uitslag. Daarnaast is het voor de leerlingen prettiger om een toets te maken die niet veel te moeilijk of veel te gemakkelijk is. Een te moeilijke toets geeft de leerling al snel het idee: ik kan er niets van. Dat komt de motivatie en het zelfvertrouwen natuurlijk niet ten goede. De leerling haalt daardoor misschien een lagere score dan bij zijn niveau past. Ook een te makkelijke toets kan leiden tot een score die lager is dan werd verwacht. Leerlingen die zonder echt na te hoeven denken alle juiste antwoorden kunnen aanstrepen, maken door nonchalance en een te hoog tempo misschien onnodige (slordigheids)fouten.

Eindtoets Basis
De Eindtoets Basis is bestemd voor leerlingen (landelijk ongeveer 75%) van wie u verwacht dat zij doorstromen naar de gemengde/theoretische leerweg van vmbo, of havo of vwo. De scores van deze leerlingen op de toetsen van het Cito Volgsysteem vallen in het C-, B- of A-niveau.

Eindtoets Niveau
De Eindtoets Niveau is bestemd voor leerlingen (landelijk ongeveer 25%) die wat minder hoog scoren op de schoolse vaardigheden taal en rekenen. Het zijn de leerlingen van wie u verwacht dat zij het best op hun plaats zijn in de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte leerweg van vmbo. Bij de toetsen van het Cito Volgsysteem vallen hun scores vaak in het E- of D-niveau.

Hoe maakt u een juiste keuze?
Als leerkracht hebt u het beste zicht op de ontwikkeling van uw leerlingen. Voor leerlingen die in de dagelijkse schoolsituatie gemiddeld of bovengemiddeld presteren is de Eindtoets Basis de aangewezen keuze. Deze Eindtoets is qua niveau vergelijkbaar met de papieren Eindtoetsen tot en met 2012. De Eindtoets Basis is bestemd voor (landelijk gezien) ongeveer 75% van de leerlingen: de leerlingen die naar verwachting naar vwo, havo of gemengde/theoretische leerweg gaan. Voor leerlingen die meestal onder het gemiddelde presteren, is de Eindtoets Niveau de beste keuze. Deze toets is bestemd voor (landelijk gezien) ongeveer 25% van de leerlingen: voor leerlingen die naar verwachting naar de basis- of kaderberoepsgerichte leerweg van vmbo gaan.

Twee Eindtoetsen, twee uitslagen?
Beide versies zijn niet helemaal verschillend. Ongeveer 25% van de opgaven zit zowel in de Eindtoets Basis als in de Eindtoets Niveau. Door die overlap loopt de moeilijkheid van de twee versies niet te veel uit elkaar. En deze overlap zorgt er ook voor dat de scores van de twee versies op één schaal gezet kunnen worden. In de praktijk is het dus zo dat elke leerling (net als in vorige jaren) een standaardscore krijgt tussen 501 en 550. De Eindtoets Niveau is gemakkelijker dan de Eindtoets Basis. Om een bepaalde standaardscore te halen, moet je bij de Eindtoets Niveau daarom méér opgaven goed hebben dan bij de Eindtoets Basis.

Waarom u niet alle leerlingen de Eindtoets Niveau laat maken
De toetsuitslag van een te gemakkelijke toets of te moeilijke toets is niet betrouwbaar. Als een leerling (bijna) alle opgaven van de Eindtoets Niveau goed heeft, was die versie duidelijk te gemakkelijk voor deze leerling. De score van die leerling is dan minder betrouwbaar. Dat vermelden we ook op het leerlingrapport. Dit zal alleen in zeer extreme gevallen voorkomen, bijvoorbeeld als u een vwo-leerling ingeschat hebt als vmbo-leerling.

Over keuzes bij twijfel
Bij sommige leerlingen twijfelt u misschien over de keuze voor Eindtoets Basis of Eindtoets Niveau. De betreffende leerlingen halen op de LVS-toetsen van Cito soms het C-niveau, soms het D-niveau. U verwacht dat de gemengde/theoretische leerweg te moeilijk is, maar helemaal zeker bent u daarvan niet. Wat is voor deze leerlingen de beste keuze? In principe zijn voor deze leerlingen beide versies van de Eindtoets geschikt. U kunt uw keuze mede laten afhangen van motivatie, ambitie, onzekerheid, doorzettingsvermogen, faalangst, de eigen voorkeur van de leerling en eventuele andere eigenschappen of omstandigheden van de leerling.

Herkansen
Als een leerling heel veel opgaven goed beantwoordt op de Eindtoets Niveau, dan had deze leerling beter de Eindtoets Basis kunnen maken. En als een leerling heel veel opgaven fout beantwoordt op de Eindtoets Basis, dan had deze leerling beter de Eindtoets Niveau kunnen maken. In beide gevallen is de standaardscore minder betrouwbaar. Als u zich houdt aan bovenstaande richtlijnen, zal de leerling echter bijna altijd een score halen die past bij de versie van de toets (Basis of Niveau) die u voor hem of haar gekozen hebt. Mocht het onverhoopt toch een keer gebeuren dat een leerling de verkeerde versie heeft gemaakt, dan kunt u de leerling opgeven voor de digitale Eindtoets. U gebruikt die toets dan als een herkansingstoets en kiest voor de andere versie (dus Basis als de leerling te hoog gescoord heeft op Niveau, en Niveau als de leerling te laag heeft gescoord op Basis)

Onderpresteren bij de Eindtoets
Het kan natuurlijk een enkele keer gebeuren dat de score van een leerling ver achterblijft bij de verwachting. Het maakt daarbij niet uit of de leerling de Eindtoets Basis of de Eindtoets Niveau heeft gemaakt. Soms spelen onvoorziene omstandigheden een rol (bijvoorbeeld een emotionele gebeurtenis in de thuissituatie), soms ging er iets mis tijdens de afname (bijvoorbeeld de leerling werd ziek). Ook in zo’n geval kunt u de leerling opgeven voor een herkansing. Omdat de versie van de eerder gekozen toets goed was (daar lag het niet aan dat de leerling zo’n lage score haalde), hoeft u dan niet voor de andere versie te kiezen. Er is geen overeenkomst tussen de papieren en de digitale edities van de Eindtoets. De leerling krijgt bij de digitale herkansing dus geen enkele opgave onder ogen die hij of zij ook al in de papieren versie heeft gezien.

Advertenties

Cito-toets 2013 – wat je moet weten (deel 5)

Het onderdeel studievaardigheden heeft voor een deel met algemene kennis te maken, maar voor het grootste deel met logisch nadenken en met het opzoeken van informatie in een stuk tekst, grafieken of tabellen.

Een vraag die elk jaar weer in de Cito-toets voorkomt, heeft te maken met wat je wel en niet kunt opzoeken in een encyclopedie. Over onderwerpen als ‘het ontstaan van vulkanen’ en ‘de geschiedenis van de computer’ kun je natuurlijk alles in een encyclopedie vinden. Dat geldt niet voor onderwerpen als ‘de opstand van vandaag in Egypte’ (een actuele gebeurtenis die wel in de krant is te vinden) of ‘basisschool ABC’ . Een ander veelvoorkomend onderwerp is het op alfabetische volgorde zetten van woorden. Een paar voorbeelden:

Vragen over de indeling van een boek komen ook regelmatig voor in de Cito-toets. Waar staat welke informatie? Grofweg bestaat een boek uit de volgende onderdelen:

Het antwoord op de vragen over alfabetische volgorde en over de encyclopedie was in beide gevallen antwoord c. Meer informatie (en een oefentoets) over studievaardigheden vind je hier en hier.

(Uit: Oefenboek voor de Cito-toets)

CITO 2013/2014: de Eindtoets Basis en de Eindtoets Niveau

Volgend schooljaar verschijnt de Eindtoets Basisonderwijs in twee versies, op papier en digitaal: de Eindtoets Basis en de Eindtoets Niveau. Deze twee toetsen bevatten dezelfde taken, in dezelfde volgorde, met hetzelfde aantal opgaven. Het grootste deel van de opgaven in de toetsen is verschillend. De opgaven in de Eindtoets Basis zijn gemiddeld wat moeilijker dan de opgaven in de Eindtoets Niveau.

Eindtoets Basis

De Eindtoets Basis is bestemd voor leerlingen (landelijk ongeveer 75%) van wie u verwacht dat zij doorstromen naar de gemengde/theoretische leerweg van vmbo, of havo of vwo. De scores van deze leerlingen op de toetsen van het Cito Volgsysteem vallen in het C-, B- of A-niveau. Deze Eindtoets is qua niveau vergelijkbaar met de papieren Eindtoetsen tot en met 2012.

Eindtoets Niveau

De Eindtoets Niveau is bestemd voor leerlingen (landelijk ongeveer 25%) die wat minder hoog scoren op de schoolse vaardigheden taal en rekenen. Het zijn de leerlingen van wie u verwacht dat zij het best op hun plaats zijn in de basisberoepsgerichte of kaderberoepsgerichte leerweg van vmbo. Voor leerlingen die meestal onder het gemiddelde presteren (Bij de toetsen van het Cito Volgsysteem vallen hun scores vaak in het E- of D-niveau., is de Eindtoets Niveau de beste keuze.

Twee Eindtoetsen, twee uitslagen?

Beide versies zijn niet helemaal verschillend. Ongeveer 25% van de opgaven zit zowel in de Eindtoets Basis als in de Eindtoets Niveau. Door die overlap loopt de moeilijkheid van de twee versies niet te veel uit elkaar. En deze overlap zorgt er ook voor dat de scores van de twee versies op één schaal gezet kunnen worden. In de praktijk is het dus zo dat elke leerling (net als in vorige jaren) een standaardscore krijgt tussen 501 en 550. De Eindtoets Niveau is gemakkelijker dan de Eindtoets Basis. Om een bepaalde standaardscore te halen, moet je bij de Eindtoets Niveau daarom méér opgaven goed hebben dan bij de Eindtoets Basis.

Bij een twijfelgeval of een leerling de eindtoets basis dan wel de eindtoets niveau zal moeten maken (bijvoorbeeld omdat de LOVS-scores wisselend C en D zijn), zal deze keuze dan mede afhangen van motivatie, ambitie, onzekerheid, doorzettingsvermogen, faalangst, de eigen voorkeur van de leerling en eventuele andere eigenschappen of omstandigheden van de leerling.

(bron cito)

Oefenboek voor de CITO-toets 2013!

Met gepaste trots presenteren wij hèt Oefenboek voor de Cito-toets 2013. De oude versie bevatte 142 pagina’s; de nieuwe versie van het boek omvat ruim 170 pagina’s. Deze syllabus, dit jaar al verkozen tot “Het beste boek ter voorbereiding op de Cito-toets“, biedt alles om de Cito-toets – die zal worden afgenomen op 5, 6 en 7 februari 2013 – met een zo goed mogelijk resultaat te kunnen maken.

Alles wat een leerling van groep 8 voor de Cito-toets moet weten, wordt in ruim 170 pagina’s beschreven, uitgelegd, geoefend en getest. Hoe pak je een tekst met tekstvragen aan, op welke manier kun je werkwoordspelling zo goed mogelijk maken, hoe leer je sommen met breuken, procenten of kommagetallen goed te maken, wèlke rekensommen worden er gevraagd, hoe zet je een stuk tekst in een schema of hoe lees je tabellen en grafieken? Op al deze vragen geeft het Oefenboek voor de Cito-toets antwoord.

Het boek is onlangs op een aantal punten aangepast en verbeterd. De aanpassingen hebben te maken met de verwerking van alle nieuwe gegevens van de laatste Cito-toets 2012 in het boek. De verbetering heeft te maken met een uitbreiding van de onderdelen begrijpend lezen en studievaardigheden. Zowel de uitleg van de theorie als het aantal oefenopgaven is – vergeleken met de versie van vorig jaar – in omvang fors toegenomen.

In het onderdeel begrijpend lezen zijn meer oefenteksten toegevoegd; ook de uitleg van de onderliggende theorie is duidelijker geworden. De scores op het onderdeel studievaardigheden van zowel de Cito-toets als de Entreetoets van 2012 vielen – landelijk gezien – uit de toon. Om te voorkomen dat zich dit op de Cito-toets van 2013 herhaalt, hebben wij de uitleg van alle onderwerpen uitgebreid. Het werken met en kunnen interpreteren van kaarten, grafieken, tabellen en diagrammen wordt uitgebreid behandeld en vervolgens geoefend. Omdat een relatief groot deel van de vragen in het onderdeel studievaardigheden gaat over het in schema kunnen zetten van een stuk tekst, wordt ook dit onderwerp in ons boek uitgebreider dan voorheen behandeld.

Het eindresultaat is een overcompleet boek met een duidelijke uitleg van alle theorie en ruim voldoende oefeningen die uw kind optimaal zullen voorbereiden op de eindtoets van groep 8.

U kunt het Oefenboek voor de Cito-toets hier bestellen.

 

Uitstel verplichte CITO-toets

Komend jaar zijn basisscholen nog niet verplicht om de eindtoets af te nemen bij Cito. De verplichting om deze toets te gebruiken, wordt waarschijnlijk met een jaar uitgesteld. Ook de verplaatsing van het afnamemoment van de eindtoets, van februari naar april, gaat waarschijnlijk pas in 2014 van start. Vooralsnog gaat Cito ervan uit dat de Eindtoets Basisonderwijs plaatsvindt op 5, 6 en 7 februari 2013.

Met de verplaatsing van het afnamemoment naar april wil het ministerie van onderwijs bereiken dat de voorbereiding op de Cito-toets  intensiever en daardoor beter wordt. De overgang naar het voortgezet onderwijs zou daarmee soepeler gaan verlopen.

Vanwege tijdsgebrek bij de Eerste Kamer moeten 180.000 leerlingen in 2013 het dus nog doen met een korte effectieve leertijd, zal de NIO-toets nog even blijven bestaan en zal de vraag naar goede uitleg en verantwoord oefenmateriaal voor de Cito-toets weer bovengemiddeld zijn.

De Cito-toets van dit jaar werd door leerkrachten als relatief moeilijk beoordeeld; op veel basisscholen werden door leerlingen van groep acht dan ook lagere scores behaald dan in voorgaande jaren. Vreemd genoeg blijkt dit niet uit de gegevens van Cito. Uit die resultaten blijkt dat leerlingen in 2012 gemiddeld een standaardscore van 535,5 behaalden. Dit is hetzelfde als vorig jaar.

 

Cito-toets 2012 – wat je moet weten (deel 3)

In de Cito-toets zijn opgaven met cirkeldiagrammen altijd ruim vertegenwoordigd. De diagrammen kunnen worden weergegeven met procenten, met breuken of gewoon met aantallen. In procenten gemeten, is de hele cirkel altijd 100%. 1/3 deel van de cirkel is dan 33,3% en zo is bijvoorbeeld 1/7 deel van de cirkel (zie de figuur hierboven) ongeveer gelijk aan 14 %.

Een voorbeeld van een cirkeldiagram met aantallen zie je hieronder:

Het is ook mogelijk om van een staafdiagram een cirkeldiagram te maken. In het voorbeeld hieronder kan bijvoorbeeld het gedeelte van de staafdiagram dat over ‘beeldende kunst’ gaat, ook worden weergegeven in een cirkeldiagram:

Aan beeldende kunst is in drie jaar tijd totaal € 80.000 uitgegeven: in 2004 € 40.000 (= 4/8 deel), in 2005 € 10.000 (= 1/8 deel) en in 2006 € 30.000 (=3/8 deel). Hieronder zie je deze verdeling in een cirkeldiagram:


Cito-toets 2012 – wat je moet weten (deel 2)

Teksten en gatenteksten zijn een vast en steeds prominenter onderdeel van de Cito-toets. Van de 100 vragen waar het onderdeel taal uit bestaat, gaan er 60 over begrijpend lezen, in de vorm van teksten met tekstvragen en gatenteksten.

Bij veel tekstvragen word je gevraagd één of twee regels te lezen en daar een vraag over te beantwoorden. Het is belangrijk dat je dan niet alleen die twee regels leest, maar ook het stukje erboven en de regels eronder. Wanneer er bijvoorbeeld staat: ‘lees r.19 t/m r. 21’,  begin dan te lezen bij regel 15 en lees door tot regel 25. Dan heb je de beste indruk van wat er wordt verteld en kun je de vraag beter beantwoorden.

Vragen over de stijl van schrijven komen vaak voor bij Cito-teksten. Voorbeelden hiervan zijn: 1. Welke zin valt uit de toon als je let op het taalgebruik in de tekst? 2. Welk stuk tekst had de schrijver uit de tekst kunnen weglaten? Het antwoord op de eerste vraag heeft meestal te maken met overdreven deftig of moeilijk taalgebruik; bij de tweede vraag gaat het meestal over een paar zinnen die overbodig zijn of niets met het onderwerp van de tekst te maken hebben.

Soms wordt gevraagd waar de schrijver met een nieuwe alinea had moeten beginnen. Alles wat met een onderwerp te maken heeft, staat in één alinea. Wanneer het onderwerp verandert, moet met een nieuwe alinea worden begonnen. Een andere, veel voorkomende vraag is wat er dubbelop is in een bepaalde zin. Voorbeelden hiervan zijn: ‘Daarom had zij om die reden geen boodschappen gedaan’, of: ‘Gooien jullie die folders meteen onmiddellijk in de afvalbak?’

Bij gatenteksten zijn uit de tekst stukjes weggelaten. Op de plaats waar die stukjes stonden staat nu een streep met een nummer. Je kunt steeds uit 4 mogelijkheden kiezen welk stukje het best op de plaats van de streep past. Net als bij teksten moet je ook nu een paar regels boven de streep beginnen met lezen. Vaak staat het stukje dat op de plaats van de streep moet komen, uitgelegd in de regels na de streep. Een voorbeeld: